Op donderdag 3 september j.l. overleed de Vlaamse schrijfster en dichteres Christine D’haen (*1923). Behalve aan haar eigen creatieve werk wijdde D’haen een groot deel van haar leven aan de poëzie van Guido Gezelle. Het leverde onder meer een eigenzinnige bundel tekstgenetische studies op.

‘Het resultaat van een kwarteeuw werk en nadenken,’ zo noemde Christine D’haen haar ‘verzameling handschriftenstudies’, die in 1997 onder de titel Het Schrijverke verscheen. Meer dan de helft van die kwarteeuw had ze met de handschriften geleefd in het Brugse Gezelle-archief, ‘waar ik het voorrecht had, ze van 1969 tot 1983 te mogen ordenen, en telkens weer: te zien.’ Deze langdurige en intensieve omgang heeft D’haen tot een van de meest bevlogen kenners van Gezelles leven en werk gemaakt, waarvan ze eerder had getuigd in de ‘dichtersbiografie’ De wonde in ‘t hert (1987).

Ook in Het Schrijverke stak D’haen haar enthousiasme – ditmaal voor het ontstaansproces van gedichten – niet onder stoelen of banken: ‘Ik verwacht dat de lezer iets zal ervaren van de vreugde die zo’n contact met de intieme schrijfdaad van de auteur schenkt.’ Zoals uit dit citaat alleen al moge blijken, beoogde ze met haar handschriftenstudies meer dan een reconstructie van de buitenkant van het creatieve proces. In haar opvatting openbaart een handschrift vooral ook de relatie van de auteur met zijn psyche: het toont bijvoorbeeld sporen van verdringing, ongeoorloofde uitingen, autocensuur. ‘De doorgehaalde tekst kan ons een fundamentele betekenis van het gedicht laten zien (psychoanalytisch aspect).’

De nadruk op dit psychoanalytisch aspect kwam haar op de meeste kritiek te staan. In zijn bespreking van Het Schrijverke noemde Kees Fens de psychische duidingen van D’haen ‘in feite anachronistisch’, maar – zo gaf hij ruiterlijk toe – zijn bezwaren werden door andere, ‘werkelijk schitterende’ stukken in de bundel ongedaan gemaakt. ‘Die kwart eeuw moet ook een zuiveringsproces zijn geweest.’

Christine D’haen, Het Schrijverke. Gent (KANTL), 1997.

Kees Fens, ‘Een doorgehaalde Guido Gezelle’. In: de Volkskrant 13 juni 1997.

Reageer