Nederland onderging in de jaren 60 en 70 van de vorige eeuw een transformatie, onder meer door de ontkerkelijking. Promovendus Jesseka Batteau onderzocht het werk van Reve, Wolkers en ‘t Hart. Dankzij het werk van deze schrijvers kunnen we volgens haar het post-religieuze Nederland beter begrijpen. Op 23 juni promoveert zij op dit onderwerp.

Welke rol speelde literatuur tijdens de culturele en sociale transformatie die Nederland onderging tussen 1960 en 1979? Deze vraag beantwoordt Batteau in haar proefschrift, door het werk van Reve (1923-2006), Wolkers (1925-2007) en ‘t Hart (1944) te bestuderen.

‘De schrijvers leverden verhalen en beelden waarmee het publiek zich kon identificeren en waarmee ze hun eigen post-religieuze identiteit konden uitdrukken,’ aldus Batteau. Volgens haar zijn de boeken en performances van de auteurs belangrijke referentiepunten geworden in de secularisatiegeschiedenis van Nederland en de collectieve herinnering aan een religieus verleden.

Uiteraard verhouden de schrijvers zich alle drie anders tot de seculariserende maatschappij. Batteau stelt dat Reve op zijn eigen ironische en reflectieve wijze een bijdrage leverde aan de katholieke traditie.

Uit het werk van Wolkers en ‘t Hart spreekt eerder het gevoel van seculiere bevrijding en staat het afscheid van een onderdrukkend religieus verleden centraal. Wolkers kiest daarbij een traditioneler secularisatienarratief, terwijl er bij ‘t Hart meer sprake lijkt van een onverwerkt religieus verleden.

Promotie
Promovendus: Jesseka Maria Batteau
Proefschrift: Literature and the Performance of Post-Religious Memory in the Netherlands: Gerard Reve, Jan Wolkers and Maarten ‘t Hart
Promotor 1: Prof. dr. A. Rigney
Copromotor: dr. Frans Ruiter
Datum: 23 juni 2014
Tijd: 12:45 tot 14:45
Locatie: Academiegebouw
Zaal: Senaatszaal

bron: http://nieuws.hum.uu.nl/

Reageer