Jan Gielkens bezocht de Hölderlintoren in Tübingen, waar hij een bescheiden tentoonstelling over de verwarde schrijver aantrof, en een bijzonder gastenboek.

Tübingen is een levendige universiteitsstad in Zuid-Duitsland. Aantrekkelijk stadsgezicht (want geen oorlogsschade), mooie boekhandels en antiquariaten, veel studenten, genoeg bezienswaardigheden voor een leuke dag. De universiteit is uit de vijftiende eeuw en menige Duitse beroemdheid studeerde of doceerde er: Melanchthon, Hegel, Bloch, Schelling, Hegel, Kepler, Barth, Bonhoeffer – om dwars door de eeuwen heen wat filosofen, astronomen en theologen te noemen, en ook de schrijvers Eduard Mörike, Friedrich Hölderlin en Martin Walser kregen er een opleiding. Friedrich Hölderlin neemt in de stad een bijzonder plek in: hij studeerde er niet alleen maar woonde er later vrijwel precies de tweede helft van zijn leven, namelijk van 1806 tot aan zijn dood in 1843. Hij ligt er ook begraven op de mooie stadsbegraafplaats. Hölderlin was behalve dichter en vertaler ook psychiatrisch patiënt. Een belezen timmerman nam Hölderlin op in zijn gezin en gaf hem onderdak, en daarom is er nu nog een Hölderlintoren in Tübingen: een opvallend want geel gebouw aan de rivier de Neckar, dat ook te bezoeken is. Er is een bescheiden tentoonsteling aan de verwarde schrijver gewijd.

Het is geen opwindende expositie: wat vitrines met boeken, vooral facsimiles van brieven en andere documenten, een aantal boeken. In een op wat stoelen na lege ruimte kunt je je bezinnen op de verzen die Hölderlin aan de vier seizoenen heeft gewijd: ze zijn een jaar of twintig geleden uitgetypt, vervolgens op de kopieermachine uitvergroot en in wissellijsten gestopt. En er is natuurlijk ook ruimte voor een plaatselijke kunstenaar die zich door Hölderlin heeft laten inspireren. Een van de leukere uitgestalde zaken is het gastenboek over het jaar 2011. Daarin schrijven bezoekers vooral plichtmatige opmerkingen, maar gelukkig is er ook een eerlijke scholier: ‘Langweilig, langweilig’ is de notitie. Er zijn inscripties van gasten uit onder andere China, Japan, Uruguay en Italië. Germanisten uit de Verenigde Staten laten weten dat ze heel blij zijn eindelijk de toren van hun studieobject te zien en een enkel kind mocht van zijn ouders kliederen.

Op één bladzijde van het gastenboek is een deel van de pagina overgeplakt met dik papier. Wie goed kijkt kan door dat dikke papier heen zien wat de bijdrage van de verveelde bezoeker was. Het blijkt dat er tot 12 oktober 2011 meer geslachtsorganen in het gastenboek van de Hölderlinturm stonden dan handtekeningen van Nederlanders.

Jan Gielkens

Reageer